BENZINEPOMPEN IN SOESTERBERG

Wie was de eerste pomphouder in Soesterberg ?

Stipdonk

1923 – Hendrik B. Stipdonk vroeg in maart en weer in juni dit jaar voor zijn smederij op Amersfoortschestraat 2 (schuin tegenover ’t Zwaantje) de plaatsing aan van een pomp van Continental Petroleum Company (Texaco). Het is niet zeker of deze pomp werd geplaatst.

In het oostelijk deel van ditzelfde pand begon Lolke Zwaal (zie 1930) een garagebedrijf. Als de pomp van Stipdonk niet werd geplaatst, liet Zwaal dit doen. Zijn opvolger Bovée had hier ook een pomp van Texaco, evenals de volgende huurder Gerard Spaan. (zie 1937)

Dik Top

Dik Top

Auteur van o.a. de volgende boeken,

 -SOESTERBERG VAN TOEN TOT NU

 -EEN EEUW VLIEGKAMP EN DORP SOESTERBERG

-SOESTERBERG ONS DORP

1923 – Folkert Posthumus, Rademakerstraat 13 (oud adres Zeisterstraatweg 13) wordt al genoemd in de Hinderwet van 1923 onder N.V. Acetylena Rotterdam, bewaring van benzine (en een pomp?). Spoedig daarna kwam hier een pomp van Shell. Vergunning uitbreiding pompen 25 september 1926. Vervolgens was in dit perceel B.J. Nijhuis actief. (zie 1939)  

Huis ten Halve Texaco benzinepomp

1924 – Busondernemer Jan Leguit liet een pomp plaatsen bij Huis ten Halve. Dit was ook weer op de Rademakerstraat – Texaco. (Continental Petroleum Company, Rotterdam)

Rademakerstraat, Zwaantje benzinepomp

1925 – Hotel Restaurant ‘t Zwaantje (E.J. Van Lint), Rademakerstraat 2. Hier werd een pomp geplaatst van de Maatschappij Franco-Egyptienne te Amsterdam, met een ondergrondse tank van 2000 liter. Deze maatschappij werd overgenomen door American Petroleum Company in Den Haag. (foto 3) In 1931 werd E.P. Mennicken de uitbater. Hij liet de pomp in 1934 verplaatsen en wilde deze uitbreiden met een tweede pomp. Dit gebeurde waarschijnlijk niet. De pomp verdween toch in de loop van de jaren ’30.

Rademakerstraat Sinco benzinepomp

1926 – P.C.F. Galjart, Rademakerstraat 9 (oud huisnummer 3), Sinclair Union Petroleum Company Amsterdam (Sinco). Vergunning 6 juli 1926. (zie 1928)

1927 – Theehuis Soesterdal van Marinus Couturier op de hoek van de Batenburglaan en de Postweg  – Shell (Bataafsche Import Maatschappij, Den Haag, vergunning 1 april). Tank van 6000 liter.  Waarschijnlijk na een paar jaar opgeheven.

Huis ten Halve benzinepomp

1928 – Piet J.C. Galjart (zoon van P.C.F. Galjart?), Rademakerstraat 9 (3) – Sinco (Sinclair UPC, verg. 29 mei). Hij zal de vergunning van zijn vader hebben overgenomen. 1934 handpomp vervangen door elektrische pomp, tank 6000 l – De Soester 22 dec 1934 ook nog P.C.F. Galjart (Kadaster E. no 1983). Toen nog huisnummer 3. (zie 1935) In kranten en notulen komen van Galjart deze voorletters voor: P.J.F. – P.C.F. en P.C.J. Wie was wie? Daarnaast de broer Cor van Piet jr. C.H.J. Galjart. Hij was loodgieter van 1923 tot 1929 op Rademakerstraat 3 en had zijn bedrijf later op Banningstraat 43. (zie 1935 De Ruiter)

1928 – Notulen Gemeente Soest: Benzinebewaarplaats Bataafsche Import Mij aan de Banningstraat. Geen adres vermeld.

1930 – Lolke Zwaal, Amersfoortschestraat 2A. Texaco. 1934 perceel E. 1988 Amersfoortschestraat 2A. De aanvraag van de N.V. Petroleum Mij. The Texas Comp. om de handpomp te vervangen door een elektrische pomp was verdaagd. (zie ook Zwaal 1935 en Nico Bovee 1934)

1930 – Garagebedrijf op Luit. Koppenlaan 7-9. Pomp van Texaco Company Den Haag (vergunning 28 april). Eigenaar B.D. Swanenburg, die op Banningstraat 98 woonde. Tank van 4000 liter. Kadastraal E. 1661. In augustus 1932 failliet verklaard. Hij verhuisde in oktober 1934 naar Amsterdam. Het bedrijf werd voortgezet door L.D.M. Zwijns onder de naam Métal Garage, tel. 64. Hij was vaandrig en woonde eveneens op Banningstraat 98 (zie artikel Soesterbergse Brandweer). Zijn vrouw was Chr.W.M.M. Swanenburg (geboren in Utrecht 1912), waarschijnlijk een zuster van B.D. Swanenburg. Zij had al in maart 1933 een internationaal rijbewijs.

Veldmaarschalk Montgomeryweg

1934 – A.J.J. van Marle, Banningstraat 52 – Shell (Bataafsche Import Maatschappij – aanvraag 30 okt). Woning en werkplaats in 1941 op last van de Duitsers afgebroken. Hier staan nu de woningen op Mongomeryweg nr 61 en 63 (zie 1946).

1934 – Nico Bovee, Amersfoortschestraat 2A (zie 1923, is nu Banningstraat). Hij had zijn hoofdbedrijf in Amersfoort. Pomp van Texaco. Hij huurde dit pand nadat Zwaal was verhuisd. Ingewilligd 13 oktober 1934 perceel E. no 1988 de bestaande inrichting te wijzigen, The Texas Company. (zie Spaan 1937)

1934 – Albertus Mulder, aannemer onder de naam N.V. Mulder’s Handelsmaatschappij, Amersfoortschestraat 4 (direct naast nummer 2A).  Aanvraag 16 augustus voor pomp van Shell. Pompstation ‘Vliegdorp’ (is nu Banningstraat). Uitbreiding oktober 1935. In 1943 overgenomen door T.W.C. Nout (zie 1946).

Veldmaarschalk Montgomeryweg Zwaal

1935 – Lolke Zwaal, Banningstraat 82. Pomp van Texaco (kadaster E. no 1261 – huisnummer vanaf 1953 Montgomeryweg 33). Vergunning 26 april. Hier vandaan vertrok hij in oktober 1940 naar Vossenlaan in Bosch en Duin (gesloten huis). Maar reeds op 20 september 1939 adverteerde H.W. Overman v/h Garage Zwaal, Banningstr. 82, tel. 412 met verhuur van luxe auto’s zonder chauffeur (DWK, Ford, Chevrolet, Opel enz.) en rijlessen. Op 28 september werd H.W. Vis-Overman op dit adres ingeschreven als inwonend. H.W. Overman vertrok in maart 1940 naar Amsterdam, Geuzekade 90II. Op dezelfde dag waarop H.W. Vis-Overman werd ingeschreven, werd ook A.D. Kruzeman op dit adres genoteerd. (niet inwonend)

Nadat de Duits-gezinde K. Boomgaerdt hier in de oorlog een timmerfabriek had, werd het garagebedrijf in 1946 voortgezet door Van Marle (zie 1946).

1935 – Joh. de Ruiter nam omstreeks 1935 het bedrijf van Piet Galjart over. De naam Sinco ging over in Sinfina en in 1953 in Purfina. Op 28 april 1956 werd het pand vernield door een vrachtauto. Zoon Gerrit nam de zaak over en ging in 1965 benzine van Esso verkopen. Daarom waren onder zijn klanten heel veel Amerikanen van Camp New Amsterdam. (zie De Ruiter 1955 en 1960)

Texaco benzinepomp 2A Spaan 1937 Texaco pompen

1937 – Gerard Spaan sr, Amersfoortsestraat 2A. Opvolger van Bovee. Pompen van Texaco.  Benzineverkoop en autoreparaties tot 1947. Daarna alleen taxibedrijf.

Shell benzinepomp

1939 – B.J.Nijhuis met Shell. T.W.C. Nout nam het bedrijf van Nijhuis met pompen van Shell over. In 1943 opgevolgd door zijn zwager C. van Baaren. In 1948 kocht Gerrit van Ekris het berdrijf (toen nummer 31) en daarna voortgezet door zijn zoon Jago van Ekris. Sinds lange tijd Vrije Pompen. Hij stopte zelf met deze business in 2016, maar de pompen zijn gebleven.

Shell benzinepomp

1946 – A.J.J. van Marle, Montgomeryweg 82 (het vroegere pand van Zwaal). Aanvraag voor Shell pompen juni 1946. Pand afgebroken in 1971 wegens aanleg van de N 237. Van Marle beleefde daarmee voor de tweede keer dat hij wegens afbraak zijn woning en bedrijf moest verlaten.

Veldmaarschalk Montgomeryweg benzinepomp

1946 – 28 oktober, Shell Amersfoortsestraat 4. T.W.C. Nout (eerder op Rademakertraat 13). Ging hier wonen toen Mulder in 1943 verhuisde maar Woudenberg. Dit werd in 1947 een filiaal van fa. Willgo in Amersfoort. (zie 1953).

1947 – Willgo Q.S.B. Amersfoortsestraat 4. Had een bedrijf in Amersfoort en huurde van Nout, die tot die tijd pompen van Shell had. Werd toen Esso. Zetbaas was Iliohan. Omstreeks 1952 M.P. Roose (eigenaar of huurder?). In 1955 opnieuw vergunning voor Esso. In 1964 weer Shell. Pand afgebroken in 1977.

Banningstraat benzinepomp

1952 – Notulen Gem. Soest 22 dec. 1952. Clemens vroeg of de nieuwe benzinepomp zou komen naast dokter Splinter of bij Struve. Het antwoord was: bij Splinter. Shell was het eerst aan bod bij Struve. (zie 1953 Noot BP)

BP benzinepomp

1953 – T.W.C. Nout. Terwijl Nout zijn pand op Amersfoortsestraat 4 verhuurde aan Roose met Esso benzine, begon hij in 1953 schuin daartegenover (naast huisarts Splinter) op nummer 13 een groot pompstation van BP. Eerst een paar noodpompen bij een klein bedieningshutje. Later nieuwe pompen met een prachtig kantoor. Nadat de N 237 najaar 1971 klaar was, werd dit pompstation verplaatst daar naar toe. Is nog heden in gebruik en heet nog ‘Vliegdorp’ – de naam die A. Mulder ca 1934 aan zijn garagebedrijf gaf. Dit pompstation is al lang niet meer bediend.

Rademakerstraat Esso benzinepomp

1955 (?) – Weduwe De Ruiter-Van Eck en zoon Gerrit. Voortzetting van de pomp van Joh. de Ruiter. Werd later Esso. (zie 1960)

1959 – S.S. Willgo, Esso. Bijplaatsen van tank 12.000 liter in de garage. Tank van 6.000 liter lag in de inrit, perceel E. 2494. (zie 1964 Willgo)

1960 – Henk Pul, Postweg 47 – Total (NV Industriële Producten Compagnie TPC Schiedam). Al aangevraagd op 16 mei 1957. Opgeheven waarschijnlijk eind jaren ‘80.

Postweg Pul benzinepomp

1960 – Gerrit de Ruiter – hoek Rademakerstraat/Van der Griendtlaan (waar later de Plus-markt kwam). Een gepland groot pompstation met 5 tanks van 6.000 tot 10.000 liter en een reparatieafdeling voor auto’s ging niet door, maar er kwamen wel zelfbedieningspompen van Fina. Overgenomen door R.H.A. Roose. Dit was van korte duur.

Rademakerstraat Fina benzinepomp, later Roose

1964 – W.G. de Jonge, Montgomeryweg 7 – Avia (Kerosine Olie Maatschappij Amsterdam – vergunning 27 mei). De Jonge was eerst gevestigd op Dorpsplein 3. Voortgezet door Peugeotdealer J.H. Heymering. Opgeheven.

1964 – 18 nov. Q.S.B. Willgo, kadaster E. 2494. Was de laatste jaren weer Shell. Sinds 1975 niet meer in bedrijf (werkplaats Friebel er achter was E. 2495).  Pand afgebroken ca. 1977.

Banningstraat Shell benzinepomp

1966 – J.J. Plekkepoel, Postweg 44 – Den Boer Aardoliën Rotterdam (aanvankelijk afgewezen, toch vergunning 21.10.66).

Anno 2022 zijn er in Soesterberg nog twee tankstations: De BP aan de N 237 en de pomp van Van Ekris op de Rademakerstraat.

Amersfoortsestraat BP benzinepomp
Rademakerstraat benzinepomp Ekris

Op grondgebied van Zeist aan de even kant van de Amersfoortscheweg hebben drie pompen gestaan. Vanaf Soesterberg stond de eerste bij De Taveerne (waar nu McDonalds is gevestigd). Een tweede van Texaco was even voorbij de Prins Alexanderweg (later Shell) en eerder een pomp bij het dubbele winkelpand vlak voor de spoorwegovergang waar eveneens de tram de weg kruiste.

Pompen voor eigen gebruik

1924 – Op het vliegkamp vóór de grote autogarage van de Luchtvaart Afdeling (Shell).

1927 – Bij Leguits busonderneming op Amersfoortschestraat 22 (hoek Richelleweg). Vergunning 7 mei. Tank van 16.000 liter.

1933 – Gebr. G.&A. Tammer, Postweg 23 – Shell (vernieuwingen 1950, 1959, 1961 en 1968).

kadaster E. no 1769 NV Bataafsche Import Mij Den Haag ondergrondse benzinebewaarplaats met aftapinrichting.

1957 – Bij het ‘Kolenpark’ van S. van Leeuwen.

1969 – Koenders. Een pomp vóór de Tempo fabriek in Ons Belang (aanvraag 23 sep). Daar stond enige tijd een pomp zonder enige entourage van de PAM.

1974 – Progress Electro, Van Weerden Poelmanweg 23 (schuin tegenover Soester Natuurbad)

Aanvragen die werden afgewezen of om andere redenen niet werden verwezenlijkt:

1932 – Henri Nefkens, Amersfoortsestraat 76 – Purfina, links van de oprit naar de Stichtsche Margarine Fabriek die in 1941 afbrandde.

1951 – Hubert Huisma. Aanvraag 3 oktober voor Shellpomp bij ’t Zwaantje (12.000 liter benzine en 6.000 liter diesel).

1960 – J.C. van Dockum, Buys Ballotlaan 1 – Caltex.

1965 – Gerard Spaan sr. Kampweg ongenummerd, tegenover het Odijkplein – Caltex. Vergunning verleend 20 okt.

SEPTEMBER 2022

Dit bericht is geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *